Ik ben begonnen met het begeleiden van afstudeerders in de laatste fase van mijn promotie aan de UvA. Vervolgens heb ik als postdoc eerst samen met anderen, en later geheel zelfstandig diverse afstudeerders begeleid op onderwerpen die nauw aansloten op mijn eigen onderzoek. Tijdens mijn onderzoekswerk op de VU kwamen de opdrachten voornamelijk uit de hoek van het parallel programmeren. Sinds mijn overstap naar de TU Delft vinden de meeste onderwerpen hun oorsprong in mobiele communicatie.
|
Tabel
geeft een overzicht van de 16 (buitenlandse) studenten
die ik (mede) begeleid heb bij hun afstudeeropdracht. Deze begeleiding
bestond oa. uit het bedenken van een geschikte opdracht. In het algemeen
heb ik twee soorten opdrachten in de portefeuille: 1) doe-opdrachten
die redelijk concreet zijn over welk stuk software gemaakt moet worden,
en 2) denk-opdrachten waarbij een vaag idee nog geheel uitgewerkt moet
worden. Deze laatste categorie opdrachten is voor de goede studenten
met onderzoeksambitie (potentiële AIOs) en mondt vaak uit in een
wetenschappelijk artikel.
Elke afstudeerder vraag ik in het beginstadium om zelf een beschrijving te maken van de afstudeeropdracht. In geval van een doe-opdracht komt dat neer op iets verdere detaillering en bijbehorende planning. (Zie bijvoorbeeld de summiere opdrachtsomschrijving voor Stephan Oud en zijn gedetailleerde uitwerking en plan van aanpak). In geval van een denk-opdracht gaat daar meer tijd overheen omdat er vaak eerst een (uitgebreide) literatuurstudie gedaan moet worden voordat de student zicht heeft op de materie en een concrete onderzoeksvraag kan formuleren. (Zie bijvoorbeeld de planning van Tijs van Dam die ik met ``iets op het gebied van wireless sensor networks'' aan het werk gezet heb).
Qua planning hanteer ik het volgende basisschema voor de 8-maandse afstudeeropdracht: 2 maanden inlezen/inwerken, 4 maanden programmeren/onderzoeken en 2 maanden schrijven. Het is aan de student om deze planning te detailleren.